advertentie
Vraagtekens bij rol van gemeente Vlaardingen in faillissement Aanzet
Het teruglopen van de Vlaardingse subsidie is de oorzaak van het faillissement van stichting Aanzet, zo oordeelt de advocaat die verantwoordelijk is voor de afwikkeling. Gemeente Vlaardingen ontkent. In het rapport wordt het onderzoek naar onbehoorlijk bestuur en onrechtmatige betalingen afgehandeld.
door Markus Burger
maandag 18 mei 2026 15:54
Twee deed in 2025 onderzoek naar het faillissement van stichting Aanzet. Lees hier het hele verhaal.
Onderzoek naar onbehoorlijk bestuur
In het onderzoek naar waarom stichting Aanzet grote verliezen draaide is curator Kloots ook de mogelijkheid van onbehoorlijk bestuur gaan onderzoeken. Daar heeft hij verschillende redenen voor gegeven. Zo benoemt Kloots onder meer de steeds lagere toekenning vanuit Vlaardingen, het ziekteverzuim en de signalen van een onveilige werkomgeving. Het vaststellen van onbehoorlijk bestuur is een ingewikkeld proces, met als gevolg de mogelijke aansprakelijkheidsstelling van het stichtingsbestuur. Een curator heeft veel bewijs nodig en moet allerlei andere zaken uitsluiten.
De curator schrijft hierover: “De lat voor aansprakelijkheid van een stichtingsbestuur – bestuurder en raad van toezicht samen – ligt echter hoog. Verder onderzoek en eventuele vervolgstappen zijn kostbaar en met een onzekere uitkomst.” Curator Kloots ziet af van verder onderzoek naar mogelijk onbehoorlijk bestuur. Dit betekent dat de stichtingsbestuurders niet aansprakelijk worden gesteld.
Verantwoordelijkheid van de gemeente
De curator kan geen direct verband aantonen tussen het bestuurlijk handelen en het faillissement. In zijn onderzoek naar de oorzaak stelt hij: “De organisatie was langdurig verlieslatend en volledig afhankelijk van overheidssubsidies.” De subsidies zouden worden ingezet om de hoge personeelskosten te betalen. Snel bijsturen zou lastig zijn door de ‘rigide organisatiestructuur’. In zijn onderzoek concludeert Kloots dat het aannemelijk is dat de oorzaak vooral te zoeken is in de lagere toekenning van subsidie door gemeente Vlaardingen. Volgens Kloots komt dit door veranderd beleid van de gemeente.
De gemeente geeft aan dat zij budget beschikbaar stelt aan de stichting, maar dat deze aanvragen doet die buiten het subsidiekader vallen. De subsidieaanvragen die zijn afgewezen door de gemeente stuitten op bezwaren. Deze zijn afgehandeld door een onafhankelijke commissie. De gemeente benoemt dat de commissie de gemeente in alle afwijzingen gelijk heeft gegeven: “De besluiten zijn door de gemeente Vlaardingen zorgvuldig tot stand gekomen én voldoende gemotiveerd.”
Ook het ‘veranderen van gemeentelijk beleid’ als oorzaak wordt door de gemeente in twijfel getrokken. Weer verwijst de gemeente naar de conclusie van de bezwarencommissie. Daarin wordt gesteld dat Aanzet al jaren op de hoogte was van veranderingen in beleid en betrokken was bij de ontwikkeling in het beleid.
Het overgangsjaar 2024 wordt eveneens genoemd. Toen kreeg de stichting een waarschuwing en toonde de gemeente coulance wanneer de subsidieaanvraag niet aan de eisen voldeed. Zo kan de stichting haar activiteiten ombouwen en kunnen er gesprekken plaatsvinden in de aanloop naar de subsidieaanvraag van 2025. De commissie vat het samen: “Volgens de bezwaarschriftencommissie lag het daarna op de weg van Stichting Aanzet om passende activiteiten te ontwikkelen die aansluiten bij het gemeentelijk beleid.”
De uitspraken van de gemeente en de curator lijken twee verschillende beelden te scheppen van de oorzaak van het faillissement. De rol van het stichtingsbestuur en zijn handelen is onvoldoende te linken aan het toenemende verlies en uiteindelijke faillissement om juridisch van oorzakelijkheid te spreken, zo blijkt uit het rapport.
Adviseurs moeten terugbetalen
Eén van de andere onderzoeksonderwerpen van Kloots zijn betalingen die kort voor het failliet gaan zijn gedaan. Als een bestuurder bepaalde eisers voortrekt met de kennis van het aankomende faillissement dan wordt dit als ‘paulianeus’ aangewezen. De curator meldt dat dit voor meerdere betalingen het geval is. Het betreft adviseurs van de stichting die bedragen tussen de 3000 en 5000 euro moeten terugbetalen. Desgevraagd laat gemeente Vlaardingen weten hier geen mening over te hebben.


